Het is weer die tijd van het jaar… Overal komt er wel een Sint opduiken en die zien er toch niet helemaal hetzelfde uit. Dat op zich, daar gaan de kinderen nogal losjes over… Maar wat als ze op school tijdens het langverwachte sinterklaasfeestje een Sint tegenkomen die:
- een bril opheeft
- én klinkt als Pé
- én Bomma op het sinterklaasfeestje is zonder Pé (terwijl de kinderen hen anders ALTIJD samen zien)?
Wel, dan is dat Pé. Dus mama, Sinterklaas was Pé!
Nu, ik was op voorhand -gelukkig- al verwittigd over ‘de grote herkenning’ dus ik had al wat mogelijke antwoorden in mijn hoofd… zonder daarbij te moeten liegen. Want ook al klinkt het misschien onnozel, echt staalhard liegen wil ik eigenlijk ook niet doen… Maar Niki stelt helemaal geen vragen. Ze geeft gewoon het feit mee: ‘de Sint was Pé’. Ik probeerde erop in te gaan – zo van ‘tiens, hé, hoe kan dat nu?’ maar geen reactie naast het statement ‘de Sint was Pé, want bomma was daar zonder Pé en de Sint had een bril en dat heeft hij anders niet en hij klonk net als Pé.’
Wat doe je dan? Ga je er toch tegenin? Zet je toch nog aan tot verder nadenken (met het gevaar dat je de hele magie ontmijnt)? Ze heeft daar voor de rest dus absoluut geen enkele vraag bijgesteld. De Sint op zich bestaat nog wel, maar deze was dus overduidelijk Pé.
Nu ja, kan je haar ongelijk geven? Slimme meid, denk ik dan. Uiteraard had ze overschot van gelijk!
En ik? I rest my case… Al houd ik in mijn achterhoofd: to be continued…